't Jungle-verhaal.

Door: Ellen

Blijf op de hoogte en volg Ellen

08 December 2013 | Nepal, Tānsen

’n Week geleden zijn we richting Chitwan verrokken. We hadden er toen vijf stage-weken opzit en het was tijd voor een welverdiende vakantie. Door vele Nepalkenners was ons verteld dat we het nationale park toch écht moesten zien, en dus lagen de plannen voor Chitwan al klaar.

Maar een reis maken in een land als Nepal heeft meer voeten in aarde dan in Nederland. Bedenk alleen al het openbaar vervoer. We konden een microbus nemen, een bus die op bestelling voor komt rijden en je vervolgens rechtstreeks van A naar B brengt, maar de kosten voor zo’n reis zijn acht keer zo hoog dan als je ervoor kiest met de public bus te gaan. Dus, als gierige hollanders, besloten we de public bus te nemen.
Maandagochtend, 05.00 uur de wekker gezet, en om 06.00 uur richting het buspark. Daar staan zo’n 20 bussen geparkeerd, er is geen vertrektijdenschema, er staat niet op de bus waar die heen gaat, dus daar stonden we dan met onze goede gedrag. Maar richting het loketje gelopen en gevraagd welke bus naar Butwal ging, en met dat we ‘Butwal’ zeiden wezen er al drie mannen richting een bepaalde bus. ’t Loketmannetje gilde ergens heen, er kwam een jong kereltje aandraven en die begeleidde ons persoonlijk naar de bus richting Butwal. Na ’t voor de zekerheid nog tweedubbel na te hebben gevraagd installeerden we ons. De beenruimte was dan wel minimaal, maar voor de rest was het best comfortabel. Annemieke en Joline vonden het nogal eng om met de public bus te reizen, die hadden dat namelijk nog nooit gedaan. Daarentegen hadden Marina en ik in de periode dat we stage liepen in ’t andere ziekenhuis drie weken lang, twee keer daags de public bus ervaren, dus waren wij wel gewend aan de idiote rijstijl, het continue toeteren, met 50 km/h door ’n bochtje waarbij de steentjes bij wijze onder de wielen vandaan brokkelen, de hoeveelheid passagiers die meekunnen. Dat laatste heeft ons meerdere keren verbaasd. Dat zaten we al in een overvolle bus, bijna bij een of andere, glimlachende maar erg stinkende, Nepalees op schoot en dan nog stopten we bij elke ‘bushalte’ en stapten er nóg meer mensen in. Dus dan zitten er gemiddeld 4 passagiers op 2 stoelen, staat het gangpad hutjemutje vol, zitten er 2 personen bijna bij de buschauffeur op schoot en hangen er 4 mensen voor driekwart buiten de deur. Dan voel je je op een gegeven moment toch sardientje in een blikje.

En we hebben wat overstappen moeten maken. Op een gegeven moment werden we midden op straat de bus uitgezet. Daar sta je dan; midden in een drukke stad, stijf van ’t lange stilzitten, beetje duizelig door de overdosis frisse lucht die ineens beschikbaar is, met al je bagage. En dan? Nou, in Nepal komt er dan meteen iemand op je afrennen, die vraagt waar je heen moet en je nog net niet aan je haren het volgende rijdende gevaar op de weg insleept. Zo ook die keer. We hadden geen idee waar we waren, en het mannetje zei wel in de richting te gaan die wij ook op moesten, maar ja, hoe weet je dat de bedoelingen van zo iemand goed zijn en je niet ontzettend afgezet wordt? We belden de manager van het hotel op waar we zouden verblijven, en na wat onsamenhangend gebrabbel kwamen we op het plan om de manager die aan de telefoon hing maar aan ‘t ‘mannetje’ te geven, zodat de manager hem kon vertellen waar we heen moesten en dat hij ons daar dan veilig moest brengen. En dat werkte wonderbaarlijk wel, want we stapten het busje in en stapten een halfuur later op de juiste bestemming uit. We zijn een beetje hardleers, maar beginnen nu toch door te krijgen dat de mensen hier écht het beste met je voor hebben. In Nederland zijn we het niet gewend dat anderen jou zomaar uit zichzelf helpen, of de moeite ervoor nemen om te kijken op welke manier ze iets voor je kunnen betekenen. Maar hier in Nepal is dat eerder regel dan uitzondering. En natuurlijk zitten er tussen die erondertussen ook nog wat aan je proberen te verdienen door een keer zo’n euro meer te vragen dan ze van een local zouden willen, maar ach, dat is ook wel waarvoor we tourist zijn toch?

Na dus zo’n enerverende reis kwamen we dan gebutst, bont en blauw aan op plaats van bestemming. Hotel Riverside, Sauraha. We werden ontvangen met een of ander drankje, kregen onze kamers toegewezen en een programma in handen gedrukt. Het fijne van dit hotel is dat ze programma’s aanbieden. Zo hadden wij een programma waarin ze ons meenamen op jungle-wandeling, we kregen een of andere cultuurdans te zien, we gingen op canoesafari, naar een olifanten-broed-centrum, samen met de olifant in de rivier wassen en op de rug van een olifant de natuur in. Heerlijk om gewoon even niets zelf te hoeven regelen, maar achterover te leunen en écht vakantie te vieren. Niet aan stage denken, even geen school, andere omgeving, andere mensen leren kennen, zachte bedden, ander eten. Top!

Toch viel ons na een aantal keer lunchen en dineren toch wel iets op.Ze serveerden bij de lunch en diner namelijk altijd soep, met daarbij garlic bread, oftewel een zacht wit sneetje brood met een scheut scherp knoflookextract eroverheen. De eerste keer denk je; lekker, leuk, iets nieuws. De tweede keer denk je; hé? Hadden we dat net al gehad of wordt ik gek? De derde keer krijg je al een knoflooksmaak in je mond op het moment dat je de ober aan ziet komen met soep met, inderdaad, u raad het al, knoflookbrood. Het was moeilijk om na een aantal keren knoflookbrood een eerlijk antwoord te geven op de vraag van de ober ‘And, how was your soup and bread?’. Maar goed, de rest was heerlijk!

Zoals ik al noemde hebben we veel ondernomen, veel gezien. Het olifantenbad en de rit op de olifant waren toch wel de hoogtepunten. Voor het olifantenbad moesten we een zwemvest aan. De olifant stond in de rivier en daar mocht je dan opklimmen. Vervolgens ging dat beest zichzelf wassen, waarbij jezelf ook helemaal nat werdt. Echt ’n hele gewaarwording om bovenop zo’n kolosaal dier te zitten wat je eerder alleen in de dierentuin van een afstand hebt gezien. Naast de olifant stond de olifantentemmer, die instructies gaf aan de olifant. De beste jongeman leek het grappig te vinden de olifant te laten schudden zodat je van een behoorlijke hoogte het water inkukelde. Hij moet haast wel gedacht hebben dat we het erg leuk vonden want elke keer weer zaten we er net op en ja hoor; daar gingen we weer. Op een gegeven moment dacht ik; ‘Oke, en nu jij’. Dus nodigde ik hem uit op de olifant te klimmen. Hijzag er blijkbaar geen kwaad in, want vol vertrouwen klom hij erop. Ik bood hem aan een handje te helpen, en zelfs toen zag hij nog geen wolkje aan de lucht, maar toen was ’t al te laat voor ‘m. Met een harde ruk van mijn kant dook hij het water in. Met een stomverbaasd gezicht kwam hij weer boven. Hij lachtte een beetje verlegen, en de omstanders die vanaf de kant meekeken lachten er smakelijk om. Boontje komt om z’n loontje..

En dan was er nog de rit op de olifant. We voelden ons wel op en top toeristen toen hoor. We werden met een soort Jeep richting een bos gebracht, onderweg kwamen we langs allerlei kleine hutjes waar vieze, maar hele schattige kindertjes omheenrenden. Ik voelde me best wel een beetje schuldig; ik heb het zo goed, kan heel veel dingen die ik leuk zou vinden gewoon kopen, kan met de kansen die ik in Nederland krijg zoveel bereiken, en dan ‘verspil’ ik m’n geld een beetje aan een of andere ritje op een olifant. Dat terwijl ik weet, zie, ervaar dat er zovelen zijn die keihard moeten vechten om zichzelf in leven te houden. Het blijft moeilijk om een balans te vinden daarin.

Maar goed, de rit op de olifant. We kregen een olifant + olifantenrijder aangewezen, en via een trap klom je in een vierkant bakje, wat wonderbaarlijk stevig op de olifant zat. Vervolgens het bos in. Doordat de geur van de olifant overheerst over de geur van de mensen konden we erg dicht bij de dieren in het bos komen. Zo zagen we veel herten, apen, prachtige vogels, neushoorns, en pauwen. Voor Annemieke was het toch wel heel erg wennen dat pauwen niet alleen op de kinderboerderij leven, maar ook door de jungle scharrelen. Tjaa. We zagen het al voor ons in ’t biologie boek. De pauw, van oorsprong voorkomend op verschillende kinderboerderijen..

Na vier dagen die omvlogen weer richting thuis. De manager van het hotel had bedacht dat het voor ons misschien wel relaxt zou zijn om met een meer rechtstreekse bus te gaan. Met de public bus moet je namelijk nog erg veel overstappen. Dat aanbod geaccepteerd, dank u lieve manager! We hoefden nu inderdaad maar twee keer over te stappen, in plaats van vier keer. Dat scheelt toch wel, we waren best wel moe van alle indrukken, en dan al die extra bagage door de souvenirs.
Na een 7 uur durende reis weer op ons vertrouwde plekje. Eenmaal thuis aangekomen ontdekten we dat de loodgieter (of waar die man ook voor door moest gaan) onze douche had ‘gerepareerd’. De kraan lekte inderdaad, maar we waren tot dan gewoon in staat om onder de douchekop te staan waar warm water uitkomt. Wat de loodgieter had gedaan; de lekkende kraan was vervangen en in plaats daarvan hadden we nu nieuwe warm- en koud water kranen. Één ding wat deze man, die ongetwijfeld de beste bedoelingen heeft, niet voorzien had was dat er nu ook een nieuwe switch nodig was. U weet wel, zo’n ding wat het water switcht van de kranen naar de douchekop en waarmee je vervolgens temperatuur kan regelen. We vroegen meteen na hoe dit precies zat, en de medewerker vertelde ons dat ze inderdaad een onderdeel misten, maar dat zou morgen komen en dan zou het geinstalleerd kunnen worden. Maar nu, een goede week later wachten we nog steeds op ‘morgen’. Ondertussen douche je als volgt; je zet de warme én koude kraan en mengt het water handmatig in een emmertje, die je vervolgens over je heen giet. Net zolang tot je schoon bent. Óf je probeert te douchen op een moment dat ’t hete water nog niet zo heet is (‘sochtends/’savonds) en gaat ouderwets in een teiltje onder de kraan zitten. Moraal van dit verhaal; Nepali people willen je altijd helpen, hebben de beste intenties, maar er is geen verzekering dat de oplossing beter is dan het probleem.

Ondertussen zijn we alweer een week bezig op de ward. Het patientenaantal begint toe te nemen. Er zijn veel ziektebeelden die we ondertussen kunnen dromen, maar ook erg interressante cassussen. Zo kwam er een man binnen die zijn voet onder stenen had gekregen, de botten waren verbrijzeld en de huid was niet bepaald intact meer, maar blijkbaar dacht hij dat ook zoiets wel geneest met de tijd. Dus kwam hij veel te laat naar ’t ziekenhuis, zijn voet was zo beschadigd dat het weefsel aan het afsterven was, en dat rottingsproces ziet er niet prettig uit, en ruikt nog minder aangenaam. De dokters besloten zijn voet te amputeren, maar hij had erg last van bloedarmoede, dus voordat ze gingen opereren moest hij eerst bloedtransfusie krijgen. Zijn zoon had eerst niet zo’n zin bloed af te staan, maar werd iets gewilliger toen hij hoorde dat zijn vader zou kunnen overlijden door bloedvergiftiging als er te lang werd gewacht. Nou ja, oke, toen wilde die wel. Maar vervolgens kwam hij opdagen met teveel alcohol in z’n bloed, dus ging de transfusie weer niet door. Ondertussen moesten Annemieke en ik die voet elke dag verbinden, of tenminste, wat ervan over was. Het stonk zelfs zo erg dat de patienten die bij deze man op de zaal lagen wilden dat hij verplaatst werd. Nou, dan kunt u zich misschien voorstellen hoe erg dat moet zijn geweest, als je bedenkt dat de meeste van de patienten zichzelf ook zo een week niet wassen of verkleden en zelf ook muf, klam, zweterig en vuil ruiken. Uiteindelijk is de voet eraf gehaald, we hopen allemaal dat ’t deze man gaat lukken zijn leven op te pakken, wat moeilijk kan zijn als je doordat je ineens een half been minder hebt niet meer het werk kan doen wat je deed om je brood mee te verdienen. Dat is namelijk iets wat hier meer speelt dan in Nederland. In Nederland zijn er fondsen, instanties, uitkeringen, uitzendbureaus om mensen wiens situatie verandert te helpen. Hier moet je het doen met, als je geluk hebt, steun van je familie, that’s it.

Naast al de narigheid die je soms erg bezig kan houden maken we veel tijd vrij om te ontspannen met elkaar. Afgelopen donderdag, 5 december, hadden we een Sint. Nicolas-feestje georganiseerd voor de internationale gemeenschap. We hebben erg veel lol gehad met elkaar. Twee van ons waren verkleed als de Sint en zijn helper, die natuurlijk een groot boek bij zich hadden waar verschillende goede en minder goede daden instonden. Daarna hebben we verschillende spellen gedaan om de cadeautjes die gekocht waren te verdelen. Een erg geslaagde, gezellige, hilarische, onvergetelijke avond. Gisteren een over-amerikaanse baby-shower gehad voor twee zwangere, internationale vrouwen. Het is fijn om deel uit te mogen maken van de warme gemeenschap.

Nu hard aan de slag met onze opdrachten, die moeten aankomende dinsdag ingeleverd worden voor de tussenevaluatie die er komend weekend aankomt. Ook beginnen we bijna met het uitzetten van enquetes voor een onderzoek wat we moeten doen. De komende weken zullen we best wel een beetje druk zijn met school in verband met de tussenevaluatie, het onderzoek, opdrachten vanuit school die af moeten. Tussendoor hopen m’n vader en zusje nog langs hoppen om te kijken wat ik hier allemaal uitspook en van ’t mooie Nepal te genieten, Christmas komt eraan, oud&nieuw staat op ons te wachten. Heel veel leuke, maar ook noodzakelijke dingen die af moeten. Dus hierbij groet ik u!

  • 08 December 2013 - 14:20

    Jonathan:

    Leuk om je verhaal zo te lezen!!
    Als ik m'n ogen dicht doe, zie ik mezelf ook zo weer op die olifant zitten om te badderen!

    Geniet van jullie tijd daar, voordat je het weet zit je weer in het koude kikkerlandje..

    Greetz,

    J.

  • 15 December 2013 - 21:38

    Mieke:

    Wat een mooie tijd hadden jullie in Chitwan.... tsja en humor is onontbeerlijk ...daar heb je wel een goede dosis van zo te lezen. Ik geniet van je realistische verhalen ! Fijne tijd met je familie en groeten aan de andere meiden. Mieke

Reageer op dit reisverslag

Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley

Ellen

Namasté bezoekers! gedurende mijn stageperiode in Nepal, die loopt van 14-10-2013 tot 07-02-2014 hoop ik deze blog bij te houden. Zo doe ik een poging om 't thuisfront op de hoogte te kunnen houden van de wetenswaardigheden en bezienswaardigheden van Nepal, alle avonturen die ik meemaak, de dagelijkse verpleegkundige routine, mooie plaatjes, mooie verhalen. Leuk dat je deze blog leest!

Actief sinds 27 Sept. 2013
Verslag gelezen: 585
Totaal aantal bezoekers 15343

Voorgaande reizen:

14 Oktober 2013 - 07 Februari 2014

Nursing Internship Nepal

Landen bezocht: